De Sportschool

Du midi

De sportschool

 

Een jaar of drie geleden, toen ik geheel in het slob geraakt was, kon ik mijzelf er niet toe bewegen om naar de sportschool te gaan. Het is niet echt een hele officiële sportschool, met een filmscherm en rijen toestellen maar meer een herstelsportschool. Op een plek waar ooit wel de spoelen draaiden voor ‘Gone with the wind’, The Westside Story’, ‘The getemde Feeks’, en ‘Grease’. Waren vroeger de ramen zwart afgeplakt, tegenwoordig kijkt men uit op de kade die het Zuideramstelkanaal begeleidt naar het Nieuwe Meer.

Maar na een langdurige opkrikperiode, waaraan ik mooi aangepast schoeisel overhield, ga ik nu regelmatig naar de sportschool. Mijn tegenzin is onmetelijk groot maar als ik regelmatiger ga, neemt hij iets af. Sla ik een week over, neemt hij meteen toe. Terwijl mijn dochter (dezelfde als die zwemt) drie kwartier op een loopband rent, zet ik me op toestellen met de welluidende namen als: leg press, legg extension, en weetikveel wat nog meer. Inmiddels heb ik uitgevonden wat verlichting brengt n.l. mijn radio. Geheel afgesloten van de buitenwereld luister ik naar radio 1 en probeer een beetje variatie aan te brengen in de setjes die ik afwerk. De zwaartestand is 9 (van de 12) en ik versterk mijn spieren. Hoop ik. Soms loop ik 10 minuten op de loopband en kijk uit over het water van de Boerenwetering. Daarna fiets ik nog een kilometer of drie, vier, richting Groenlo. In gedachten. En na ruim een uur, soms anderhalf, trek ik mijn jas aan en vertrek.

Beneden gekomen probeer ik met één zwaai op de fiets te komen. Helaas, die vordering heb ik nog niet gemaakt. Ik pers mijn been heel voorzichtig tussen het frame door en wip langzaam op het zadel en zet snel de voeten op de trappers zodat ik niet hoef om te vallen. Dan kom ik in beweging en begint de boel te stabiliseren. Het voelt iets steviger. Maar thuisgekomen en afgestapt en de trap oplopend stel ik vast dat ik, nu, na bijna acht maanden, me totaal niet als herboren voel. Ik voel me een oude kruk. Alles piept en kraakt. Hort en stoot. Maar ik ga vrolijk door. Hoewel vrolijk misschien niet echt de juiste omschrijving is.  Echter, om het radarwerk in de gewrichten te smeren, moet er beweging in zitten. En ik laat mij niet uit het veld slaan.

Troost is dat deze school waar sportievelingen komen, vooral bezocht wordt door soortgenoten of erger. Dus ik hoef helemaal geen minderwaardigheidscomplex te ontwikkelen. Er lopen geen vrouwen met haarbandjes die de hersens samenbinden, geen mannen met uitpuilende onderdelen, dan alleen op de plek waar dat normaal geacht wordt. Het is een treffen van soortgenoten. Mensen die wel vooruit willen maar nog niet zo snel zijn. ’t Is meer een soort van onderhoudsbeurt, die daar dagelijks plaatsvindt.

Voor nu: einde van het sportieve tweeluik.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s